Jerry Lampen is al vanaf 1981 werkzaam als fotojournalist. Sinds de jaren negentig heeft hij ook een aantal keren de NAVO-top gefotografeerd. Daar heeft hij over de jaren heen veel zien veranderen op het gebied van toegankelijkheid en beveiliging. Lampen: ‘Vroeger waren de afstanden makkelijker te overbruggen.’
Toen hij in de jaren negentig als fotograaf bij de NAVO-top aanwezig was, was deze bijeenkomst fysiek makkelijker te benaderen dan nu. Lampen: ‘Je had toen, net zoals nu, altijd wel weinig bewegingsvrijheid, maar het ging wel makkelijker. Nu sta je echt gigantisch ver weg, misschien wel tweehonderd meter.’
Lampen legt uit dat het daardoor steeds lastiger wordt om foto’s te maken. ‘Vroeger kon je nog even vragen of iemand even aan de kant wilde gaan. Nu hoop je maar dat er niemand tussen jou en het object gaat staan. Je staat dan te ver weg om even te roepen.’

Toegankelijkheid
Hoewel het steeds lastiger wordt om dichtbij te komen bij fotomomenten, neemt de toegankelijkheid van de conferentie voor fotografen wel steeds meer toe. ‘Iedereen heeft tegenwoordig een telefoon en laptop om zijn werk te doen en is niet meer afhankelijk van bureaus. Als je een camera met een lange lens hebt, kun je ernaartoe. Daardoor is het tegenwoordig voor iedereen toegankelijk; vroeger was het alleen voorbehouden aan de happy few’, vertelt Lampen.
Doordat er zoveel meer fotografen zijn, wordt het ook steeds lastiger om je als fotograaf te onderscheiden. Lampen vindt het jammer om te zien dat kranten steeds meer zoeken naar de goedkoopste en snelste foto, in plaats van naar de beste: ‘Ik vind het kwalijk om te zien dat iedereen zijn of haar foto’s nu voor een appel en een ei verkoopt. Eigenlijk zouden kranten hun fotografen vooruit moeten betalen.’

Beveiliging
Omdat de NAVO een militair samenwerkingsverband is, is de beveiliging altijd al streng geweest. ‘Het is altijd al wel goed bewaakt geweest met veel poorten en scanners. Na de aanslagen in New York in 2001 merkte ik wel dat de veiligheid nóg meer is versterkt’, zegt Lampen. Dat merkt hij doordat er steeds meer wegen worden afgesloten rondom de plek waar de conferentie plaatsvindt. ‘Daarnaast word je bij de controles nog meer binnenstebuiten gekeerd’, zegt hij.
Die strenge beveiliging ziet hij in de laatste jaren zelfs nog toenemen. Lampen: ‘Er komen steeds meer restricties bij. Het wordt steeds meer dichtgetimmerd waardoor er op sommige momenten nog maar weinig fotografen aanwezig kunnen zijn.’

Zo moet je als fotograaf soms ook een beetje geluk hebben. Een voorbeeld daarvan is toen Lampen de NAVO-top fotografeerde in 2014. Hij vertelt: ‘Op het laatste moment ben ik toegevoegd aan de ronde tafelfoto; ik had daar vrienden die mij snel meenamen waardoor ik een prime positie kreeg. Ik hield de camera boven mijn hoofd en begon met schieten. Die hele club wereldleiders schrok en ze keken toen allemaal mijn lens is. Die foto is daarna zo verschrikkelijk veel gepubliceerd. Je moet als fotograaf dus wel durven én een beetje geluk hebben.’